Van oranje tot rotan: dit vonden we ooit mooi in huis

Heb jij thuis houten letters die 'love' of 'home' spellen? Kussens met grafische prints? Een grijze hoekbank? Waarschijnlijk zullen we over een paar jaar zeggen dat dat zó jaren '10 is. Elke generatie kent z'n eigen interieurstijl. Dit zijn een aantal opvallende.

De jaren dertig
Woningen uit de jaren dertig zijn qua architectuur nog steeds erg populair. Ze zijn zelfs een stuk duurder dan huizen die na de oorlog zijn gebouwd. De geliefde jaren-dertig architectuurstijl is een mengelmoes van stijlen en invloeden, waaronder Berlage, Frank Lloyd Wright en de Amsterdamse school. Ook op de interieurs is niet één stempel te drukken en de inrichting had zowel iets vernieuwends als traditionele aspecten. Er was een hang naar het modernisme met zijn gestroomlijnde vormen, maar aan de andere kant was de art deco-stijl ook erg populair, te herkennen aan de geometrische figuren en overdadige versieringen. Vloeren in de hal en keuken waren vaak van graniet, net als het aanrecht. Veel huizen hadden een knus ingerichte erker, al dan niet versierd met glas-in-lood ramen, dat destijds ook hartstikke hip was.

De jaren vijftig
Mensen die opgegroeid waren met de economische crisis en de Tweede Wereldoorlog beleefden in de jaren vijftig een tijd van groei en bloei. Het ging goed met de economie en inkomens stegen. Dat was ook te zien aan de inrichting van huizen: weg met de oude meuk, nieuwe spullen erin. De Amerikaanse diner-stijl was populair. Denk aan meubels met felle kleuren, grote koelkasten en her en der zelfs een jukebox in de woonkamer. Kunststof materialen zoals formica, PVC en diverse soorten plastic werden veel gebruikt. Ook zag je de opkomst van open keukens, waarbij de woonkamer en keuken een ruimte vormen. Gordijnen hadden drukke patronen en kastjes stonden vol kitsch. Een gezellige, drukke boel dus.

De jaren zeventig
Bruin, bruin en nog eens bruin. Aardse tinten deden het erg goed in de zeventig, aangevuld met een flinke scheut oranje. In huis stonden veel planten, want het was de periode van 'botanisch' wonen. Populair waren ook bloemen of organische figuren op het behang in weer diezelfde groen, oranje en bruintinten. En wie geen behang had, koos voor houten panelen tegen de muur. Op de vloer lagen hoogpollige tapijten en het was een trend om in de woonkamer een zitkuil te hebben. Zo'n kuil creëert een intieme sfeer. Een fijn hoekje om met je bezoek te kletsen. Of om andere dingen te doen, want het was immers ook de tijd van seksuele vrijheid en expressie. Lang werd er lacherig gedaan over de stijl van de zeventiger jaren, maar inmiddels putten ontwerpers er weer inspiratie uit.

De jaren tachtig
We luisterden naar Michael Jackson, Madonna en George Michael, droegen schoudervullingen en kochten onze eerste computers. In de jaren tachtig gebeurde er veel, ook op het gebied van wonen. Het decennium zag verschillende stijlen opbloeien. Beige kamers met accenten in pasteltinten waren hip, maar daarnaast zag je ook de invloed van de Memphisgroep, een aantal vormgevers waaronder de Italiaan Ettore Sottsass. De Memphisgroep bracht uitdagende ontwerpen voort, gekenmerkt door het gebruik van asymmetrie, felle kleuren en geometrische vormen. Ook graag gezien was de landelijke, rustieke stijl. Soms opgefleurd met nogal heftige bloemenprints op bankstellen, die nu pijn aan je ogen doen.

De jaren negentig
Alhoewel het in het begin van de negentiger jaren nog wel even doorging met die bankstellen in dubieuze printjes, hadden veel mensen behoefte aan een beetje rust in de tent. Veel interieurs uit deze periode zijn daardoor haast een tikkeltje saai, want in tegenstelling tot de felle kleuren uit de jaren tachtig, werd er nu veel gekozen voor witte of blanken houten meubels. Andere nineties trends waren lederen bankstellen, grote spiegels tegen de wand, rotan stoelen en de kleur jagersgroen. Maar allemaal niet te wild, want minimalisme was het toverwoord.

Tekst: Kita van Slooten

Deel dit bericht